Kamperveen

Jaartallen en gebeurtenissen.

 

 

 

742-814. Rijk van Karel de Grote.

 

Karel de grote behoorde het rijk der Nederlanden. Na zijn dood werd het rijk opgedeeld in drie stukken. De Noordelijke Nederlanden kwamen toen bij het Duitse rijk en de Duitse keizer was hier de baas. Zie Salland.

 

 

700-750 Gereedschap tegen wateroverlast.

 

Er werden betere gereedschappen en werktuigen gemaakt om water overlast beter te kunnen indammen. Er werden dichte bossen langs de IJssel opgeruimd waardoor vruchtbare gebieden ontstonden die geschikt waren voor migranten.

 

 

 

764. Zonsverduitering.

 

4 juni is er ongeveer een totale zonsverduistering. Uit Duizend jaar weer en wind.

 

 

800. Bronnepe

 

800. In deze periode zal Bronnepe waarschijnlijk zijn ontstaan.

 

Bewoners van de droge Veluwe zochten vruchtbare gebieden op.

 

 

814. Veen =Venne.

 

814. Deze periode werd veen nog Vinne of Venum genoemd.

 

 

900. Radbod Bisschop van Deventer.

 

Beschreven door deze bisschop.Toen waren er geweldige overstromingen in deze contreien. Volgens de bewoners van toen waren enkele maanden daarvoor geweldigen sterrenregen te zien.

 

 

1092. Naam Kamperveen.

 

1092 De naam Kamperveen komt voor het eerst voor in 1092. Chamavi=Campen. Vinne=veen. Chamavi Vinne= Campen-veen.

 

Het geboorte kaartje vermeld: Camparavene of Camperavenne.

 

 

 

1100. Buckhorst.

 

1100 Buckhorst. De heren van Buckhorst hadden in deze contreien een vooraanstaande positie. Al in 1100 hadden ze banden met de Bisschop van Utrecht. Omstreeks 1220 kozen zij de zijde van de graaf van Gelre. Bisschop Otto van Utrecht nam wraak en verwoeste grotendeels hun kasteel. Zie 1309.

 

 

1106. Hollander Huizen.

 

1106 Hollander Huizen. In 1106 werd door Bischop Fredericus van Hamburg overeenkomst gesloten met enkele Hollandse kolonisten om zich in het veen te vestigen.

 

 

1132. Getijden.

 

1132 getijden. Omstreeks 1132 waren de doorbraken met de Noortzee zo groot dat er getijden ontstonden. Dat was weer van invloed op de bevriezing van de zojuist ontstane Zuiderzee.

 

 

 

1133. Zonsverduistering.

 

1133. Zonsverduistering. 2 augustus was er een zwaren zonsverduistering gelijk de nacht. Omdat er gelijktijdig een enorme bui voor de zon dreef werd het gelijk nacht. met alle gevolgen van dien.Toen het vanuit het westen opklaarde verschenen eerst de sterren.

 

 

1165=1179 Godfried v. Rhenen

 

 Deze periode was Godefriedes van Rhenen Bisschop van Utrecht.

 

 

1165. Zware Storm.

 

 Zeer zware storm die alle lage landen in deze omgeving overspoelden. Enorme structuur veranderingen ten gevolge hebbende.

 

 

1170. Bewoners

 

 In dat jaar gaf de Bisschop van Utrecht aan enkele schamele Friezen toestemming om zich hier te vestigen.

 

 

1170. Geboortejaar Zuiderzee.

 

Sallant en Frieslant werden door een verschrikkelijke watervloed getroffen. Deze had verstrekkende gevolgen voor het landspatroon. Het bracht veel veranderingen met zich. Men kan dit jaar beschouwen als het geboorte jaar van de Zuiderzee. Die nam toen de contouren aan van een zee. In 1196 werd hij voltooid (of volgroeid). Deze stormvloed was zo hevig dat er voor de stadspoort van Utrecht zeevis werd gevangen.

 

 

1196. St.Nicolaisvloed.

 

De St.Nicolaisvloed voltooide de Zuiderzee.

 

 

1212-1215. Otto v. Gelre.

 

Deze periode was waarschijnlijk Otto I, Bisschop van Gelre.

 

 

1213. Lezen we Sandlike (De Zande?)

 

Een Zandberg tussen Sallike en Wilsum gelegen aan een like = een soort beek of riviertje. Men noemde het in die periode Het Sandeke. Het zou De Zande geweest kunnen zijn.

 

 

1213. Parochie van Wilsum.

 

Kerkelijk behoorde Kamperveen destijds tot de parochie van Wilsum. Kort na 1213 moet het zich, als deel van de parochie van Kampen hebben afgescheiden.

 

Er staat eigenlijk:

 

Als deel van de parochie van Kampen heeft camperveen zich van Wilsum afgescheiden.

 

 

1214. Oudhoevige en Novale thienden.

 

De bisschop hield zich het genot van de oudhoevige en novale thienden voor.

 

 

1215. Otto v. Gelder 1e previlegien.

 

Otto v. Gelder de 33ste bisschop gaf in 1215 de veel besproken privilegiën aan Campervenne. De Heer Gijselbert, Heer van Buckhorts uit Sallick had den bisschop op zijn verzoek hierover geadviseerd. Of hij er later zo blij mee is geweest valt enigszins te betwijfelen.

 

 

1217. Kruistochten.

 

De kruistochten vonden plaats zo rond 1200 tot 1250.

 

 

1226. Overeenkomst Salland.

 

In 1226 bereikte de bisschop van Utrecht een overeenkomst met de graaf van Gelre in een geschil over Salland. Hierbij doet de graaf afstand van de leenrechten  van Salland. Deze had hij kort tevoren gekocht van de Heer Buckhorst te Sallick. Buckhoerst had ook zeggingschap over de Landerijen aan de westelijke zijde van de Ysala en zo kwam dit gehele gebied terecht bij het Oversticht. Inclusief Buckhoerst.

 

 

1227-1233. Wilbrand v.Oldenburg.

 

Bisschop. Deze bisschop was ook pro Campervenner en verleende ook aangepaste privilegiën. Maar deze zijn tot nog toe niet bekend.

 

 

1227-1246. Ontginning Kamperveen.

 

Uit onderzoek blijkt dat de ontginning van Camperveen in deze periode is opgestart.

 

Zie oorkonde van 1236.

 

 

1234-1249. Otto 3 van Holland.

 

Bisschop van Holland. Ook zijn voorrechten voor de Camperveners zijn tot nu toe niet duidelijk.

 

 

1236. Campen had 8 erven op Camperveen.

 

De Grootburgers van Campen hadden als onderleen 8 hoeven op Camperveen. de thienden daarvan moesten door de leenmannen (Campervenners) aan hun betaald worden. Die jaarlijkse pacht besloten zij af te staan aan de kerspelkerk van t'Vene, ten behoeve van een op te starten priester. Dit werd goedgekeurd door de toenmalige bisschop Otto v. Holland.

 

 

1236. Oorkonde. Hoeven.

 

Uit een oorkonde blijkt dat in dat jaar al acht hoeven in het veen bij Kampen bestaan. De ontginning is begonnen kort na de stormvloed van 1170.

 

 

1249-1267. Bisschop Henfrik v, Vianden.

 

Deze bisschop gaf aanvullende privilegiën en deze zijn de bekende.

 

 

1254. Domkerk van Utrecht.

 

In dat jaar legt de bisschop, Henderic van Vyenden van Utrecht, den eersten steen voor de domkerk. Bij zijn toespraak betrekt hij de eerste pioniers van Camperveen die uit Vriesland komen.

 

 

1260. Tinsgeld Bedragen.

 

In 1260 bedroegen deze tinsen 5 solidi voor een volledige hoeve en 30 denarie voor een halve hoeve. De betaling was op St. Maarten.

 

 

1277. Belening Buckhorst.

 

1 Nov. is de belening naar Buckhorst over gegaan  met uitzondering van de Hollanderakkers (Hollander Broek) en Kamperveen.

 

 

1277. Eerste melding over dijken.

 

In dat jaar werd er reeds melding gemaakt van 'oude' dijken. Dat kunnen dijkjes geweest zijn rondom kleine erfjes. Zogenaamde kae’s.

 

 

1288. Vloed gedicht.

 

“Doe ghevielt also zint.

 

Dat op de zestiende kalend

 

Van loumaent (7 dec.) God doe sende

 

Ene vloet also groot

 

Daer vele volx in bleef. Doot.”

 

 

In de omgeving rond het IJsselmeer verdronken 30000 mensen.

 

 

1300. Venendijk voor 1300.

 

De Venedijk is aangelegd voor 1300. Eigenlijk een zomerdijk. Zij liep dwars door de IJsselarm en de Enck langs de IJssel tot aan Sallike. Like betekend beek of sloot.

 

 

1300. Geen Vloeden vanuit zee.

 

 

1302. Dijk tussen Zwarte en Venendijk.

 

In die periode werd er een waterkering aangelegd tussen de Zwarten dijk en de Venendijk. De zogenaamde Wilgendijk, later het Wilgenwegje genoemd.

 

 

1302. Dijken langs de IJssel.

 

De dijk tussen Zalk-De Zande en Kampen bestond reeds in 1302. Tussen De Zande en Kampen moet dat de Venendijk geweest zijn.

 

 

1308. Dijken langs de IJssel.

 

De dijken langs de IJssel zijn aangelegd voor 1308. Dat is bewezen.

 

 

1308. Waterschappen.

 

Waterbeheersing was vanouds een taak van de Marken en Kerspels. Nadat de dijken waren aangelegd werden door de bisschop van Utrecht instellingen opgericht de wij nu Waterschappen noemen. O.a. de Sallandse Schouw.

 

Zij hadden de zorg voor de dijken. Maar niet voor de waterlozing.

 

Zie ook 1882 toen werden ze ook voor waterlozing ingesteld.

 

 

1309. Gijsbert 2 van Buckhorst.

 

In het jaar 1309 veroordeelde de bisschop van Utrecht hem wegens het schenden van de privileges van de bewoners van Kamperveen.

 

 

1310. Rooftocht Gelre.

 

Rooftocht van de Gelre's naar de Broeken en Maten via Keulvoet. Toen ze terug wilden was de brug door de bewoners onklaar gemaakt en zaten ze als ratten in de val. De Campenaren hebben ze toen allemaal in de pan gehakt.

 

 

1313-1314. Hollander Akkers.

 

Over de herkomst van de naam Hollanderakkers of Hollanderbroek, voor het eerst genoemd in 1313-1314, bestaat onzekerheid. Van der Aa deelt mee dat de naam ontleend is aan arme Hollanders die zich daar na de zeevloed van 1170 vestigden.

 

 

1319. De Dompe.

 

Waarschijnlijk is in 1319 gestart met de R.K.Parochie en in 1336 is de kerk aan de Dompe gebouwd.

 

 

1319. Rodophi geeft land aan dochters.

 

1319. 4 october. Ermgardus Rodolphi geeft aan haar dochters Cristine en Elke, 8 ackers land in 'Veno in parochia Campensi'.(Kamperveen)

 

 

1326. Oenerdijk.

 

Omstreeks 1326 is er al sprake van een dijk (Dike) van den Ysle gelegt over Vene naar den dike van Ondincghe bruke (Oener broek) tot aan Encke. En van den Venedyc.

 

 

1330. Grete geeft land aan haar zoon.

 

1336. 26 mei geeft Grete, de vrouw van Jacob van Enze, aan haar zoon Ludekin 2 ackers landes bi Zuder den kerken van t'Vene.

 

 

1336-1346. Overijssel verpand aan Gelre.

 

Deze periode is het Oversticht verpand aan de hertog van Gelre. Dat is waarschijnlijk de oorzaak dat de Gelderse edelen hun macht richting Kampen uitbreiden en leenrechten gingen invoeren.

 

Zie 1340. verkoop van landerijen in de Hollanderhuzen.

 

 

1340Verkoop erven Hollander Huzen..

 

In 1340 worden erven en landerijen gelegen in de Hollanderhuzen verkocht met alle erom liggende dijken.

 

 

1345. Dijkstukken tussen Oener Bargen.

 

De Veenendijk kwam uit op de nieuw aangelegde dijk tussen Hogebomendijk en de Zwartendijk. Niemand kon Kampen binnenkomen of ze moesten deze kruising passeren. Zowaar een strategisch punt waar dan ook een bewakingspost kwam te staan. De “Nieuwe Coeborg”.

 

 

1347. Overdracht stadsdijk.

 

Overdracht: Der staddyc bi den nyen graven ende die eerde daus zie one mede macken, zoeken zie nemen binnendijkes in Ondingerbroec bi rade der scepen is dat zie buten dykes ne ghene eerde mogen hebben.

 

Het Ondingerbroec lag waarschijnlijk binnen de bedijking en was een deel van Oene.

 

 

1350. De IJsala wordt recht getrokken.

 

De IJssel of Ysala wordt even voor Kampen uitgegraven en recht getrokken zodat haar loop evenwijdig aan de stad komt te liggen.

 

 

1350. Pest.

 

Salland getroffen door de pest. De joden die hier woonden kregen dikwijls de schuld omdat zij de bronnen en waterputten hadden vergiftigd. Daardoor werden velen verbannen. Ze doolden ook door Campervenne als opgejaagd wild.

 

Zie ook 1440.

 

 

1357. Bescherming door Oosterwolde Zeedijk.

 

In het jaar 1355 kreeg Oosterwolde via Elburg dijkrecht. En in 1357 werd de Oosterwolder zeedijk aangelegd. Deze gaf Kamperveen enige bescherming tegen stormvloeden vanuit de alsmaar uitdijende Zuiderzee. Daarna volgde de Noordwendige en de Hogekade. Hogeweg.

 

 

1362.  Marcellisvloed.

 

Een alles verwoestende vloed op 16 jan.

 

In het jaar er op vindt een keerpunt plaats in het onderhoud en vernieuwen van dijken. In het boek "Storm en rivier overstromingen" staat vermeld dat deze vloed plaats vond in 1219 op 16 jan bij nieuwe maan. Dus springtij.

 

 

1363. Dijkgeschiedenis.

 

1363 is een belangrijk jaar. De dijkgeschiedenis speelt hierin sterk.

 

 

1365. De privilegiën opgemaakt.

 

27 april 1365 zijn de privilegiën opgemaakt te Utrecht

 

 

1367. Orkaan.

 

Een verwoestende orkaan in de herfst zet de hele Polder Kamperveen onderwater. Er ontstaat daardoor veel schade aan woningen en landerijen.De gevolgen voor de winter zijn daarom desastreus.

 

 

1371. Camperveners vechten tegen Putten.

 

Polder Kamperveen staat geheel onderwater. Van vroege herfst tot diep in de winter.

 

 

1373. Privilegiën voor Campervenne.

 

Donderdags na Sint Johannes zijn de privilegiën getekend door Bisschop Arendt van Hoorne te Utrecht.

 

 

1373-1375. Strijd tussen Kampen en Herbert v.Putten.

 

In dat jaar woede de strijd tussen Kampen en Herbert v. Putten. Dit taste ook het grond gebied van Kamperveen aan. Johan van Buckhost had daar privaat rechtelijke belangen. Hij was ook beleend met de lage rechtspaak in dat schoutambt. Vooral bij het Buchorsterslagh. In het Voersterslaghe bezat Zweden v.Voorst de lage rechtspraak.

 

 

1375. Belegeringh  Puttenstein.

 

Stenen slinger werd genoemd een “Blijde". Gebruikt bij het beleg van Puttenstein.

 

 

1377. Geschil over de tins. A.v.Horne.

 

Bisschop Arend von Horne vereffend een geschil tussen Pelgrim van Putten en zijn broeders over de tins uit de hoeve van Scoutzoon Ludeken gelegen op het Zuideinde.

 

 

1377. Overstromingen.

 

Er wordt geen pacht ontvangen tengevolge van overstromingen. En de rentmeester van de bisschop laat dijkherstelwerkzaamheden verrichten.

 

 

1377. Zingen in de vasten.

 

Er is een geschil over het zingen op zondag in de vasten. (Letare.)

 

 

1378. Graven Gelderse gracht.

 

Bischop Arend v.Hoorne laat de Gelderse gracht graven tussen het Gelre en Campervenne Als grens scheiding. Het was eerst een scheidingsloot en werd later in 1425 verbreed tot gracht met kades.

 

 

1380 tot 1400. Bedijking.

 

Omstreeks deze periode is de linker IJsseloever bedijkt. De hoofd afvoer liep waarschijnlijk door het Onderdijks via de oude IJssel en de Enk en Reve naar het Flevomeer. De Venendijk moet ongeveer in het begin van 1300 aangelegd zijn.

 

 

1381. Floris van Wevelinkhoven.

 

Floris van Wevelinkhoven was bisschop van Utrecht.

 

 

1385. Buckhorst was beleend met tinsen.

 

Buckhorst was beleend met tinsen op Campervene.

 

Zweder van Voorst had het dagelijks gerecht op de Voersterslaghe.

 

Ook Henryk van Deze kreeg tinsgeld.

 

 

1388. Naam Camperveen.

 

Kwam voor het eerst de naam Camperveen voor.

 

 

1390. Schatting aan Puttenstein.

 

Toen kon de heer van Puttenstein schatting vragen van de boeren. Waarschijnlijk klopt dit jaartal niet helemaal. 1371 is er de slag van Kampen tegen Puttenstein.

 

 

1392. Elburg verplaatst.

 

In dat jaar werd Elburg landinwaarts verplaatst in verband met het opdringen van de Zuiderzee.

 

 

1394. Naam Ittersum.

 

Schoutambt Kamperveen.no 581. 18 juni 1394 Rubbert van Ittersum. Hulder van zijn vrouw Golde, dair Maes van Onden tot Campen. 5 jaar later ging de belening weer over op Henric van Oestenwolde na de dood van Goldeke de vrouw van Roebert van Yttersim. Verder Kamper archief C 519. Werkeren is in 1440 gesticht door Joh.v. Ittersum. Vererfd in 1500 Fam Bentick

 

 

1396. Otto van Putten.

 

Otto van Putten ( een bastaard) zegt de vrede tussen hem en de stad Campen op.

 

 

1397. Pest epidemie.

 

Er woed een hevige pestepidemie die vele slachtoffers eist. Salland werd in 1350 en 1440 door de pest geteisterd. Een bedenkelijk bijverschijnsel van de pest vormden de jodenvervolgingen. De joden kregen als minderheidsgroep dikwijls de schuld van deze ziekte, omdat zij de bronnen en putten zouden hebben vergiftigd.

 

 

1400. Plusminus  Naaldeweg.

 

Omstreek dat jaar is de Naaldeweg aangelegd.

 

.

 

1402. Buckhorst Proces.

 

In 1403 procedeerde Buckhorst met Kampen over de Tinsrechten van Kamperveen.

 

 

1410 Verdindigsweg Kampen-Elburg.

 

In het begin van de 14e eeuw is de verbinding over land tussen Kampen en Elburg aangelegd. Het laatste stuk was de Naaldeweg. Tegelijkertijd verwezenlijkte men een pontveer over de Enck.

 

 

1418. Ambtman.

 

In dat jaar was Herman van Buckhorst ambtman van het kerspel Kamperveen.

 

 

1418 Kamper magistraat.

 

Kamper magistraat noemt Kamperveen “een verdroncken landt, twelck des jaars tenminste twee ofte drie maell mit water beloopt” .

 

 

1418. Aanleg Nieuwendijk.

 

Overeenkomst tussen Camperveen en Campen om een Kadijk aan te leggen tussen de Roskam en de Zwaretndijk.

 

 

1418. Kampen koopt land voor Dijk.

 

In 1418 koopt Kampen van verschillende eigenaren grond langs den Enck. Deze gronden lagen tussen den Hogeneweg en de Zwartendijk. Hiermede werd de Slaperdijk verlengt en een begin gemaakt met een verbinding tot aan den Noordwendigedijk. Ook wel Noertwennige genoemd.

 

 

1421. St. Elizabethvloed. IJssel verzand.

 

Sinds mensenheugenis was het niet voorgekomen, dat een overstroming zó erg en het van het zeewater peil zó hoog was.

 

Ook de rivier de IJssel raakte erg verzand.

 

 

1425. Gelderse Gracht aangepast.

 

Het was eerst een scheidingssloot maar in 1425 kreeg Oldebroek van de erfgenamen van Oosterwolde toestemming om een gracht langs de grens met Campervenne te graven.

 

 

1427. Gelderse strooptochten.

 

De Geldese troepen onder leiding van hun hertog, raken in conflict waarbij ook Kampen en Campervenne betrokken raakten. Ze staken 18 dorpen in brand en keerden na drie dagen terug met een vette buit. Veel vee van de boeren en die der gemeente weiden moesten het ontgelden.

 

 

1438. Verplaatsing Nederzettingen.

 

De nederzettingen werden nogal eens verplaatst door overstromingen. “ Omme noetz wil der see”.

 

 

1440. Pest

 

Ook dit jaar staat beschreven als een hevig pestjaar.

 

 Zie ook. 1350.

 

 

1446. Palmvloed.

 

Op 10 april. Een ongekende zware stormvloed eiste vele slachtoffers. Onder de dieren vielen veel slachtoffer. Mensenlevens wordt niets over vermeld.

 

 

1450. Grevenrit.

 

Schoutambt Kamperveen.

 

Daar wordt de naam voor het eerst genoemd. Verlening de Vischerije in des 'Greven Ryt'.( Grevenrit, gegraven sloot) Henrick die Vos Reynoltsoen na de dood van zijn moeder Alyt van Putten.

 

 

1469. Overeenkomst dijken.

 

Er wordt een overeenkomst gesloten tussen de erfgenamen van Kamperveen en die van Kampen. Dat die erffgenaemen van Camperveen haer landt bedijcken sullen; die der stadt van Campen sal haer weghen selver maecken.

 

 

1471. Venemaeden. Schulte van Camperveen.

 

 E.Johanson maakt een oorkonde voor leenman Tymen Gijsbertsen en Henric Klepel gerichtslude Harbert Remmersen en Nelle zijn wijf aan Campen een stuk land in de Venemaeden waarop een kae ligt tot aan de Hogenweg. De stad Campen moet een mennepad maken van de Hogenweg tot aan dat land.  

 

 

1478. Afdammen Enk.

 

In dat jaar werd besloten de Enk af te dammen. In dat jaar werden de bedijkte gebieden, Kamperveen en de Zwartendijk verbonden met een veer of brug.

 

De Enckdijk werd aangelegd door de kolken. De helft werd bekostigd door de geërfden v. K-veen. De andere door Kampen. De Enck-kolken zijn vermoedelijk ontstaan in 1477.

 

 

1478. Holander Huysen.

 

 Er wordt dan een kade gelegd vanaf de IJsseldijk via de Buckhorsterdijk langs de Hollanderhuysen naar de Veluwe.

 

 

1478. Landrecht gaat over.

 

In 1478 gaf bisschop David van Bour-gondië Overijssel het eerste gemeenschappelijke Landrecht.

 

 

1478. Vervolg Enckdijk.

 

In denselven jare 1478 wort die dijck over de Eng doer die kolcken gemaekt van den Swartendijc thent aen den Hogenwegh.

 

 

1487. Overlast Gelderse Edellieden.

 

Gelderse Edellieden teisterden Campervenne en roven grote buit. De invallen worden vanaf de Veluwe uitgevoerd. ze loerden voornamelijk op goederen van Camper kooplieden. Daar hadden ze nog iets mee te vereffenen. Vooral die van Ingolander-Holt. en Engelander-Holt. Visa versa, van Campen en Elburg.

 

 

1488. Ganzen.

 

Bepalingen over het houden van Ganzen. Deze zijn overgekomen vanuit Duitsland. Maar zijn spoedig weer verdwenen.

 

 

1489. Doorbraak IJsselcijk.

 

25 nov. De IJsseldijk bij Kampen breekt door en geheel Campervenne stroomt onder water. Het water dringt vele huizen binnen. Het jaar daarop in 1490 is een erg moeilijk jaar. Het eten is schaars, er is geen brandstof. Er heerst bittere armoede als gevolg van hoog water en dijkdoorbraken.

 

 

1498. Enckdijk sloeg weg.

 

Na het weg slaan van de Enkdijk werd er weer een veer in werking gesteld.

 

 

1498, Loting onderhout Enckdijk.

 

Loting over het onderhoud van de stukken van de Enckdijk tussen Camperveen en Campen. Zie ook kadijk rondom het Oenden

 

 

1500. Dijkrecht.

 

Het dijkrecht is waarschijnlijk nog voor 1500 verkregen.

 

 

1502. Brug over De Enck.

 

In dat jaar was er weer een brug over de Enk. Waarschijnlijk is deze weer vernield in 1559.

 

 

1509. Spijkerboerdijk door gestoken.

 

In dat jaar wordt gelezen: dat Johan van Buckhorst die doigesteken dijke op 't Vene niet weder gedicht had. Den dijkgraaf van Kamperveen- een lid van den Kamper magistraat- kreeg toen opdracht den dijk te herstellen.

 

 

1510.  Kerk verwoest.

 

De kerk en de toren werden in 1510 volledig verwoest door de troepen van de Gelderse Hertog Karel van Gelder. Zie alg. info Dompe kerk.

 

 

1510. Krijgstochten.

 

Van 1510 -1527 heerste er een oorlog tussen Overijssel en Gelderland. Tijdens deze krijgstochten werden menige kerk en toren verbrand. Klokken moesten het ook dikwijls ontgelden of werden mee geroofd.

 

 

1511. Slaperdijk verbeterd.

 

In 1511 werd de Slaperdijk door de erfgenamen van Kamperveen in Oenen verbeterd.

 

 

1512. Kerk in de ban.

 

In 1512 deed de bishop van Utrecht de Kamperveense Parochi in de ban omdat ze niet wilden betalen.. Dit was een echte schoftenstreek.

 

 

1513. Tweede kerk aan De Dompe.

 

Toen werd waarschijnlijk op de oude fundamenten van de vorige verwoeste kerk een nieuwe gebouwd.

 

 

 

1513. De scout moet de restanten betalen.

 

Op 24 dec. 1513 eist de bisschop van Utrecht, Frederick van Baden, dat de scout van Campervenne de restanten van de in te vorderen schattingen direct moet betalen. Anders wordt zijn scoutambt verbeurt verklaart.

 

 

1516. Kampen verbrand Oldebroek.

 

In 1516 trokken de Kampenaren uit wraak tegen de Geldersen op naar Oldebroek en verbrandden de huizen en schuren in het dorp.

 

 

1517. Luther en zijn stellingen.

 

In oktober 1517 sloeg Maarten Luther zijn 95 stellingen aan de deur te Wittenberg.

 

 

1517. Bisschop bezoekt Kampen.

 

Zondag 1 okt 1517 bezoekt de Utrechtse bisschop Philips van Bourgondie Kampen.

 

 

1527. Stropers benden.

 

Kamperveen heeft veel te lijden van kleine stropersbenden, vanaf de Veluwe,  die hun vee wegroven.

 

 

1527. School Zuideinde.

 

Er wordt vermeld dat er aan de Leidijk richting Zuideinde een school staat met ongeveer 60 leerlingen.

 

 

1528. Keizer Karel V.

 

In dat jaar droeg de bisschop van Utrecht het leenrecht over aan keizer Karel V. Zie Zie schoutamt kamperveen, en Leenheer.

 

 

1528. Bisschop doet afstand.

 

In 1528 doet de bisschop van Utrecht afstand van het wereldlijk gezag ten behoeve van keizer Karel V.

 

 

1530. Dichten Spijkerboersdijk.

 

Overeenkomst met Hattem over het dichten van doorbraken in de Spijkerboers weg. Deze waden werden veroorzaak door een grote oprijsinge der seewateren. Geheten "Sint Felix Quade Saterdach" Zie ook waterpeil en dijken.

 

 

1531. Leggen van Kadedijk Venemaden.

 

Overeenkomst met erfgenamen en pachters van Campervenne over het leggen van een kade de Venemaden.

 

 

1532. Aankoop erve Enck.

 

Aankomsttitel van een erve te Camperveen, gelegen op de veerstal van de Enck. 13 mei 1532, met vroegere akten 1471 en 1473.

 

 

1533. Claes Witte. Scout van Campervenne.

 

Claes Witte was scout van Campervenne en Campen van 1533 tot 1572.Hij overleed in 1580.

 

 

1533. Aankoop veestal bij de Enck.

 

Aankomsttitel van een erve te Camperveen gelegen op de veerstal van de Enck. 13 mei 1533. Er zijn daarover vroegere akten 1471 en 1473.

 

 

1541. Benoeming Pastoors.

 

Voor 1541 bezat het St.Lebuinis kapittel het recht om pastoors te benoemen.

 

Een huwelijk werd door de pastoor gesloten met of zonder het opdragen van een mis.

 

Voor elk gedoopt kind werd een kaars ontstoken.

 

Voor een overledene werden 3 Pater Nosters gebeden soms ook vier of vijf.

 

Dat gold ook voor een Ave Maria.

 

 

1544. De grote Deurtyde. (Doorbraak,)

 

De grote doorbraak van een dijk.

 

 

1549. Bevestiging previleges.

 

Besvestiging van de previleges van Campervenne door Keizer Karel V..

 

 

1549. Enckdijk breekt door.

 

De Enckdijk bij Campervenne breekt door.

 

 

1550. Brug over de Enck.

 

Uit aantekeningen blijkt er weer een brug over de Enk te zijn aangelegd.

 

 

1550. Ontstaan van kolken Hogeweg.

 

.Als gevolg van veel wateroverlast breekt de Enckdijk door ten gevolge hiervan ontstaan er talloze kolken.(Wielen)

 

 

1550. Wegspoelen van dam over de Enck.

 

De dam welke werd aangelegd over de Enk werd met een hevige storm weg gespeld..

 

 

1550. Nieuwe Enckdijk.

 

Besloot Kamperveen een nieuwendijk te maken tussen den Hogenweg en den Swartendijck op een andere plek. Aan de Syudelijke kant van de Kolken. Langs doorgaande erven. (die van olde kae´s nijes vervald)

 

 

1552. Regels voor varkens.

 

Regels voor het houden van varkens.

 

 

1554. Kinderen van Eimlichheim.

 

Een sekte van de Wederdopers die in die periode Zwolle en omstreken afstroopten.

 

 

1559. Weer brug over de Enck.

 

Er werd weer een brug gebouwd over de Enk.

 

 

1562. Brug en hoofd Enck.

 

Claes Witthen, scoldtz toe Campen en up Camperveen, oorkondt, dat voor hem en Lodowich Voerne en Arendt Brandt, geërfden op Camperveen, keurnoten, Maria Jan Sculten weduwe van Camperveen en Styna haar dochter, met Berent Wesselynck en Dirck Louwe, hun mombers, verkocht hebben aan de stad Campen, de gerechtigheid die zij mochten hebben op de grond, waarop de stad Campen haar brug en hoofd over de Enck te Camperveen aan de Hogeweg hebben gelegd.

 

 

Met zegel van de schout en Berent Wesselinck.

 

 

1565. Visrechten.

 

Er wordt een overeenkomst gesloten tussen erfgenamen van Kampen en de Wed.Joachim van Ingen over de visrechten in de Enck en de Brouwketel.

 

 

1567. Zandstorm.

 

Tijdens een groot ongheweerte en van de reghen, hagel, donder ende blixemum veroorzaakt een zandstorm in 1567 in een uitgestrekt gebied tussen Noord-Frankrijk en Nijmegen een 'Egyptische duisternise: 'Twas ooc doncker als oft nacht zoo gheworden hebben.

 

 

1568. Begin van de 80 jarige ootrlog.

 

In 1568 huurde Willem van Oranje een leger en viel hij vanuit Duitsland de Nederlanden binnen. Met die inval begon wat historici de Tachtigjarige Oorlog hebben genoemd. Willem van Oranje had geen succes. Hij had geen geld voor een nieuwe veldtocht.

 

 

1568. Wendelink. Hans ongewijde aarde.

 

Hans Wendelink wordt in ongeweide aarde begraven omdat niet duidelijk is of hij een natuurlijken dood is gestorven.

 

 

1570. Allerheiligenvloed.

 

13 November. De dijcken met den watere also ghebroocken sijn dat deselve met vele duisenden an geldmiddelen niet sullen kunnen gerepareert werden ende in haren ouden staat kunnen worden gebracht.

 

Het overviel de mensen in hun slaap. Veel sluizem en bruggen verdwenen. Er waren zoveel doden dat de lichamen soms met 4 tegelijk in een put werden geworpen.Deze stormvloed duurde 2 etmalen.

 

 

1570. Brug over de Enck vernield,

 

In dat jaar werd door en zware storm de brug over de Enk weer weggeslagen. Er werd toen weer een veer ingezet.

 

 

1570. Er is weer een brug over De Enck.

 

Uit aantekeningen blijkt dat er weer een brug over de Enck ligt.

 

 

1572. Ned. Verlost van Spanje.

 

Op 1 april 1572 schudde Ned. de onderdrukking van de Spanjaarden van zich af.

 

 

 

1573. Stormvloed.

 

21 aug. stormvloed treft Campervenne met als gevolg dat alle vruchtbare land het verdere seizoen onbruikbaar werd. Veel schade aan de dijken.

 

 

1575. Avondmaal.

 

"Omstreeks 300 personen die ter tafel des Heeren gingen.. Heel Kamperveen is dan nog rooms. Pastoor is Wichboldus Gezink.

 

 

1575. Verzilting.

 

In die periode was de verbinding van de Zuiderzee van dien aard dat langzame verzilting ontstond.

 

 

1575. Marke.

 

Voor 1575 was Campervenne een Marke. De grond was onverdeeld. Eigenaren van de Hoeven behartigen de waterstaatkundige belangen en voerden tevens het burgelijk bestuur uit. Na deze datum werden het gemeenten.

 

 

1575-1576. Zware storm.

 

Een zware storm vervaagd alle boerderijen en woningen rondom de kerk. De kerk overleefd zeer zwaar gehavend deze stormvloed.

 

 

1581. Rooms Katholieke religie verboden.

 

15 mei 1581 is de openbare en de geheime uitoefening van de rooms katholieke religie verboden.

 

 

1582. Hervormd.

 

In dat jaar ging Kamperveen over tot de reformatie. de eerste predikant was Hermannes Vos.

 

 

1587. Herstelplicht doorgebroken kaden en dijken.

 

In dat jaar is het herstellen van kaden en dijken welke door het gebruikte land lopen bij schade te verplicht te herstellen.

 

 

1587. Verlichting oorlogslasten.

 

 

1588-1811. Scoutambt Combinatie.

 

Het Scoutambt Kamperveen en Kampen is in de periode 1588-1811 gecombineerd.

 

 

1593. Kerstvloed.

 

Er stond een stukje in de krant over de beruchte Kerststormvloed van 1593 waarbij veel schepen zijn vergaan.

 

 

1596. Pastoor zakt voor Ds. Examen.

 

In de gesch. van Ov. "Pastoor zakt voor het predikanten examen te Kamperveen". Na de reformatie waren vele pastoors werkeloos en om den brode werden ze dan dominee. Maar dan moesten ze wel een examen afleggen van bekwaamheid. Andreas Caffenborch was een jonge pastoor die mee ging met de reformatie. Hij dacht een beetje omscholen bij een andere die al calvinist was en dan als domine verder gaan. Maar de Prov Synode stak daar een stokje voor.

 

 

1596. Wittenstein.

 

Johan Witten koopt van de H.Geest-Gasthuis te kampen een "erve". Hij laat daarop een huis bouwen dat naar zijn familie naam wordt genoemd. Er zijn fundamenten gevonden die er op wijzen dat er al een gebouw heeft gestaan.

 

 

1600. De verponding.

 

Omstreeks die tijd kwam er een nieuwe belasting op onroerend goed. de verponding.

 

 

1601. Nieuwe Sluis.

 

In 1601 werd er een nieuwe sluis gebouwd. kosten 425 guldens. Verdeeld over 618 morgen land. Voor iedere morgen 14 stuivers.

 

 

1602. Wade tussen Zalk en Koelucht.

 

In 1602 Ging Johan (Buckhorst) al heer van Zalk en dijkgraf met de erfgenamen van Kamperveen een overeenkomst aan tot het herstel van een wade (doorbraak) van de IJsseldijk tusen Zalk en Kamperveen.

 

 

1602. Dijkdoorbraak Coele luchter.

 

In 1602 brak de IJsseldijk door bij de Coele lucht, evenwel op Zalker grondgebied. Deze hebben de dijk hersteld over Camperveens gebied met die voorwaarde dat de Erfgenamen van Camperveen voor eeuwiglijk geen onderhoud kon worden verplicht.

 

 

1602. Hogeweg verhoogd en verbreed.

 

Besluiten de erfgenamen van Kamperveen den Hogenweg te verhogen en te verbreden. Dit in verband met de doorbraken van de IJsseldijken bij de Zande.

 

 

1602. Nieuwe predikant gezocht.

 

Op 1 novembris (november) 1602.

 

Op deze datum besloten de erfgenamen van Campervene dat  er voor de ingezeten een ‘goeden’ predikant zal worden gezocht.

 

 

1602. Pestjaar.

 

In het jaar 1602 wordt Kampen en omgeving getroffen door een zware pest epidemie. Vele honderden mensen sterven.

 

Ook Kamperveen treft deze zeer zware ziekte en er sterven tientallen mensen.

 

 

1602. Kerkmeesters.

 

De beide kerkmeesters hadden over voorgaande jaren een kas tekort van meer dan 100 goudguldens en moesten deze uit eigen zak bijpassen.

 

 

1603. Predikant. Grevenstein.

 

Henricus Grevenstein werd door de classis Kampen geëxamineerd. Op 9 dec. bracht hij met vertegenwoordigers een bezoek aan Kamperveen. Daar werd een overeenkomst gesloten voor 3 jaar. De predikant mocht niet eerder vertrekken en Kamperveen mocht hem ook niet ontslaan.

 

 

1608. Doothvat.

 

In 1608 is er voor een arme drommel 3 daalders betaald voor een doodvath.

 

 

1610. Omgekeerde regenboog.

 

Wonderlijk natuurverschijnsel boven Campen. Een omgekeerde regenboog waarin drie zonnen verschenen. Daaruit kwam vuur rollen. Het einde der tijden is nabij. Dat komt door de boeverie, de schenderiie, de dronckenscap, de hoverdiie. Zoals in Sodom en Gomorra.

 

 

1610. Nieuwe kerkklok.

 

In 1610 werd er geld gereserveerd voor het laten gieten van een nieuwe kerkklok.

 

 

1611. Hogeweg weer versterken.

 

Werd er weer een besluit genomen om de Hogenweg te versterken. Dit bracht bar veel kosten met zich mee. Uiteindelijk besloot men toch maar weer de Enk af te dammen. De Nieuwen Enckdijk werd gelegd en zo genoemd. Vrijwel jaarlijks bracht dit veel kosten met zich mee om deze in een behoorlijke staat te houden. Later genoemd De Nieuwendijk. Totaal weggespoeld in 1825

 

 

1612. Plannen voor nieuwe pastorie.

 

In 1612 werden er plannen gemaakt voor het bouwen van een nieuwe pastorie aan de Hogeweg.

 

 

1614. Weer een eigen scout.

 

Het schoutambt Kamperveen maakte enige tijd deel uit van de stad Kampen. Maar sedert 1614 bezat men weer een eigen schout.

 

 

1615.Geld voor nieuwe pastorie.

 

In 1615 werd er van de 68 hoeven 3 goudguldens geëist en van de 8 katersteden (keuterboeren) 1,5

 

 

1617. Remonstrants.

 

Ds. J. Schotlerus vertrekt naar Kampen. Hij stond bekend als arminiaans gezind.D.w.z. Remonstrants.

 

 

1621. Luiden kerkklok.

 

Wanneer de kerkklok voor de kerkdienst in de ochtend voor de laatste keer had geslagen mocht er niet meer gewerkt worden of naar een herberg worden gegaan. Na de dienst werd er nog wel gehandeld.

 

 

1624. Hogeweg begaanbaar maken.

 

IN 1624 werd besloten om de Hogeweg goed begaanbaar te maken.

 

 

1625. Onderhoud kerk.

 

Onderhoud voor zes jaar van de kerk enz.

 

 

1626. Smeergeld.

 

In 1626 wilde de Drost van IJsselmuiden voor zijn bemoeienissen met Kamperveen van iedere boer per jaar twee kippen en van een keuterboer 1 kip. Maar gezien de verworven privilegiën weigerde men dit.

 

In 1626 verklapte de scout dat hij benaderd was door de drost van Ijsselmuiden. Deze vertelde hem dat verpondingen voor de erfgenamen van Wilsum veel te hoog waren en die van Campervenne te laag. De wet schrijft evenwel voor dat de lasten gelijkelijk verdeeld moeten worden. Hij is daarom verplicht om de verpondingen voor Campervenne optewaarderen en die voor Wilsum aan te passen. Maar als iedere Camperveense boer hem jaarlijks twee kippen bezorgd en een keuterboer 1 kip dan laat hij alles bij het oude. Maar gezien de verworven privilegiën weigerde men dit pertinent. De drost moet maar zien hoe hij aan zijn kippenboutje komt maar niet van de bewoners van het Veene.

 

 

1627. Storm.

 

De dijken en sluizen in Kamperveen hebben zoveel schade opgelopen en ook woningen dat de magistraten van Kampen besluiten om de feestelijke schepenmaaltijd af te gelasten en de uitgespaarde middelen te gebruiken voor herstelwerkzaamheden. Zoiets kwam maar zelden voor!!!!

 

 

1630. G.T.Veene Ontvanger.

 

In 1633 moest hij afrekenen maar hij kwam nogal wat geld te kort.

 

 

1641. Mag er geen turf worden gegraven.

 

We lezen dat er toen al geen turf meer mocht worden gestoken in heel Campervenne.

 

 

1631. Schild belasting.

 

De drost van Thijl, pro Spaans, uit Rijnberk, eiste onmiddellijk de achterstallige schulden op.

 

 

1633. Cnijnenbelt.

 

De meijer (pachtboer) van de erve genaamd “Cnijnenbelt”.

 

 

1634.Hogeweg door gegraven.

 

In dit jaar werd de Hogeweg clandestien doorgestoken om overtollig water kwijt te raken.

 

 

1635. Stormvloed.

 

In dat jaar kwamen meerdere doorbraken voor veroorzaakt door diverse stormvloeden.

 

 

1636. Schoolmeester.

 

In 1636 wordt de schoolmeester opnieuw benoemd

 

 

1638. Nieuwendijk gelegd.

 

In dat jaar werd de Nieuwendijk gelegd.

 

 

1638. Noordwendigedijk.

 

Doorbraken in de Noordwendige dijk.

 

 

1641. De grote van Camperveen.

 

De grote van Camperveen, d.w.z. het bruikbare en vruchtbare land bedroeg 650 morgen. Het werd onderverdeeld in 1714 ackers.

 

 

1642. Kerkmeester.

 

In dat jaar werd Claas Arentsz benoemd, maar hij wilde eigenlijk niet. In 1674 bleek namelijk dat hij grote tekorten had.

 

 

1647. Salaris schoolmeester.

 

In 1647 verdiende de schoolmeester van Campervenne 12 guldens.

 

 

1651. Noord-Wester.

 

Op Petri was er een zware N.W storm die geheel Kamperveen onderwater zette.

 

 

1653. Instelling Biddag en Dankdag.

 

De Synode van Overijssel drong in 1653 bij het Ridderschap en Steden er op aan een Provinciale bededag te beleggen. Tot afwering van Godes plagen en het verkrijgen van een gezegende zomer.

 

De bid- en dankdagen met het oog op het gewas.

 

 

1654. Bomen langs de Hogeweg.

 

Er wordt een voorstel gedaan om de Hogeweg op te knappen en er moeten bomen langs komen.

 

 

1655. Gaten in dijk gedicht.

 

Hattem schreef aan Kampen dat Kamperveen de gaten in de dijk te vroeg had gedicht. Dit is in strijd met de overeenkomsten. Kampen schreef terug dat op diverse plaatsen de dijk was doorgestoken en dat alleen die gaten waren gedicht.

 

 

1657. Oostenwind zet Zuiderzee droog.

 

In october begon het zo hard uit het Oosten te waaien dat de oostkant van de Zuiderzee geheel droog komt te liggen en dat men verschillende eilandjes te voet kon bereiken.

 

 

1659. Zware storm.

 

In dat jaar is Campervenne geteisterd door zware stormen die de dijken van alle kanten hebben beschadigd, Ook zijn er vele doorbraken. Er is geen zand meer aanwezig om de ontstane gaten te dichten

 

Ook de zeer natte periode die erop volgde gaf de nodige herstel problemen. Uiteindelijk werd er toegestaan om binnendijks grond af te graven voor het herstel. Dit had weer tot gevolg dat er weer kolken ontstonden.

 

 

1663. Doop Thuis.

 

6 febr. heeft Hendrik Egberts zijn dochter thuis laten dopen.

 

 

1666. Schuit voor de predikant.

 

Er wordt een bedrag van 20 guldens uitgegeven voor een schuit voor de predikant. Ds. O. Gijsius Nzn. krijgt deze schuit. Dit alles naar aanleiding van de zware storm van 1665 waarbij op 9 mei op de IJssel bij Wilsum een schippersvrouw met haar twee kinderen verdronk. Ook waren er waarschijnlijk slachtoffers op K.veen.

 

 

1670. Coele lucht.

 

Op 20 april is er een knechtje van een praam gevallen en verdronken ter hoogte van de Coelelucht op de IJssel.

 

 

1672. Franse bezetting.

 

De Franse bezetting van 1672-1674 waren een paar zeer donkere jaren voor Kamperveen. Het bestuur was radeloos. De staat reddeloos en het volk redeloos.Toen de troepen zich terug hadden getrokken was er veel geplunderd en vernield. Ook Kampen was zijn rijkdom kwijt en is deze zware slag eigenlijk nooit weer te boven gekomen.

 

 

1672. Rampjaar.

 

Dit jaar stond bekend als het grote rampjaar.

 

 

1682. Boeken verdwenen.

 

Ds. Gisius is met veel waardevolle boeken van Pastorie en kerk verdwenen naar zijn nieuwe gemeente Hasselt.

 

 

1689. Oene.

 

In 1689 komt in het doopboek op 12 mei  een doop voor van de dochter Albertjen van Wolter Jans

 

 

1690. Brand in pastorie.

 

Verslag in het A.D.

 

 

1690. Brandweer,

 

De eerste brandweer had aan materiaal 12 leren emmers plus een handpomp.

 

 

1693. IJsselstroom.

 

Gedicht van J.Norels.

 

“Maar Koelelucht bevryt van dampen.

 

U voetspoor brengt my weer tot Campen”.

 

 

1695. Heuvels.

 

Komt de naam Op de Heuvels voor.

 

 

1697. Leijendijk.

 

Komt de naam Leijdijk voor.

 

 

1698. In school gedoopt.

 

Er wordt in de plaatselijke school gedoopt.

 

 

1698. Schoolmeester.

 

Schoolmeester is Egbert Jans Weijhof en Albertje Gerrits. Wonende Jagthoorn

 

 

 

1699. Op de Sande.

 

Toen kwamen er ook al veel kerkgangers  van De Zande.

 

.

 

 

1699. Suijdeinde.

 

Komt deze naam voor.

 

 

1700. Het bouwen van watermolens.

 

Zo rond 1700 zijn er watermolens gebouwd. De waterlozing was zeer gebrekkig. De waterlozing van Kamperveen zo gebrekkig geworden, dat

 

een groot gedeelte daarvan aanhoudend onder water of dras stond.

 

Den Heer J.H.Grave van Rechteren, destijds Gouveneur van Overijssel, bracht

 

hierin verbetering en er werden watermolens gebouwd waardoor dit gebrek hersteld is

 

 

1701. t’Kerspel van Oosterwolde.

 

Wordt het  kerspel Oosterwolde beschreven.

 

 

1702. Bier wordt vervangen door koffie.

 

In 1702 begon men met het bier te vervangen door koffie en thee. Dit tot zeer veel ongenoegen van de brouwers. Deze zagen zich gekort in hun omzet en eisten een verbod voor het gebruik van deze producten. Helaas lukte dit niet.

 

 

1705. Bentinh.

 

Gedoopt Willem Hendrick z.v. Berent van Bentingh, Heer tot Wittenstein en Anna Sopphia ter Brugge.

 

 

1705. Kleine Heuvels.

 

Waar komen deze voor? Waarschijnlijk de heuvels aan de Leidijk. De grote Heuvels zijn weggespoeld en lagen ongeveer midden tussen de Hogeweg en de Leidijk midden tussen Roskam en kerk. In de buurt van de boerderij waar J.v.d.Weerd nu woont.

 

 

1706. Henervelt an de Leijdick.

 

Deze naam aan de Leidijk is mij onbekent.

 

 

1706. Watermolen.

 

Andries Alberts woont in de Watermolen.

 

 

1709. Roscam.

 

Zo de plek nog steeds van de kruising van wegen.

 

 

1712. Cannonnier.

 

Gedoopt Jannetje van Rossum, Cannonier

 

 

1712. t´Broek.

 

Grotere gebieden die dun bewoond werden.

 

 

1714. Omwaaien kerk.

 

De kerk is door een zware storm omver geworpen en ingestort.

 

 

1714. Posthoorn.

 

Een naam ter oriëntatie van een bepaalde plek.

 

 

1715. Zonsverduistering.

 

In 1715 laatste totale zonsverduistering in Nederland. De Friese onderwijzer schrijft: Den 3e Mey tussen 8 en 10 uir voor noen, was er een grote verduisteringe in den zon, soodanig dat ick niets meer zien konde als in den nagt.

 

 

1715. Slaperdijk verhoogt.

 

Besloten om den slapersdijk zodanig te verhogen dat deze het water kon tegenhouden vanaf Kamperveen zowel als van den Geldersen IJssel.

 

 

1716. Onderschout.

 

Doopb.

 

 

1716. Swanenpol.

 

Doopb.

 

 

1717. Verzoek om geldelijke steun.

 

Verzoek aan de Staten om geldelijke steun voor herstel van kerk en pastorie.

 

 

1717. Wade in de Veenendijk.

 

Een zware storm teistert met de Kerst de lage landen en slaat diverse gaten in de Venendijk met als gevolg kolkvorming.

 

 

1718. Bliksum.

 

In dat jaar sloeg de bliksum in de kerk maar de toren bleef gespaard.

 

 

1719. Door liefde gaven is dee’z kerk.

 

Dat was wel de spreuk in de latere kerk maar deze heeft eerst aan de kerk aan de Leidijk toebehoort.

 

 

1719. Geld voor herbouw Kerk.

 

Er was al wat geld binnen maar nog onvoldoende, maar er zijn nog enkele penningen nodig.

 

Is er een 'lootse of kapelle' gebouwd aan de Hogeweg.

 

 

1719. Wedeme aan de Leidijk.

 

Waarschijnlijk heeft de pastorie tot die tijd aan de leidijk gestaan. Dat was waarschijnlijk een boerderijtje.

 

 

1721. De Egge.

 

De Egge aan het Suijdeijnde. Op Wittensteins goed.

 

 

1721. De Hovenier.

 

Richard v.Keulen, hovenier op Wittenstein .(paaps)

 

 

1722. Biddag.

 

Biddag voor de vrugten op 25 februari.

 

 

1724. Bongerd.

 

De Bongerd of boomgard lag aan de Spijkerboer..

 

 

1724. Endvogel.

 

De Endvogel gelegen bij Wittenstein.

 

 

1724. Molen.

 

Berend Hendricks, mulder op de molen van Wittenstein. Waarschijnlijk de molen aan de Gelderse Gracht. “De (Morgen) Zon”.

 

 

1728. Tolhek.

 

Op de Spijkerboersweg.

 

 

1732. Eijnde.

 

Claas Reijnds woonde aan 't Eijnde van de Hogeweg

 

 

1733. Kleijne Oever.

 

Daar woonde ene Jan Gerrits

 

 

1734. Custos.

 

De Custos Willem Hendriks van Dijk.

 

 

1735. Kerkelijke bezittingen.

 

8 akkers, kerk plus erf,strekkende van de IJssekdijk tot de Gelderse gracht.5 akkers aan de Hogeweg; 2 akkers op het Zuideinde; 1 Akker op de Koelucht en 9 akkers gelegen in de Hollanderakkers.

 

 

1735. Naam Koelucht komt voor.

 

 

1737. Puttenstein.

 

Hendrik Driesz woonde op Puttenstein.

 

 

1738. Pol.

 

Aard Jans woonde op de Pol.

 

 

1739. Bentinck.

 

Op Wittenstein woonde toen Willem Hendrik Bentink en Anna Elisabeth van Dedem.

 

 

1739. Meester en domine.

 

Bij een te lange preek kreeg een predikant een geldboete opgelegd.

 

Op het Suijdeijnde woonde toen Meester Willem Hendriksz Dijk.

 

In 1739 moest er een meester van de zweep worden aangesteld ter begeleiding van de catechisatie’s.

 

 

 

1739. Verstopte waterafvoer aan zee.

 

De erfgenamen van Campervenne klagen bij  Dronten dat door aanlanding in zee en door aanspoeling van zand de afvoer van water door den watermolen van Camperveen  een voet te hoog was en deze het water niet voldoende kon lozen.

 

 

1744. Bezoek.

 

11 okt. is Wichmuth d.v.Aard, Willems en Jannigje Jans gedoopt. Hierbij waren aanwezig: Heer en vr. Wittensteijn twee jongste freules v.Gelder, de heren Minnebeek van Oosterhout, Bundes en Nuis te Campen met vrouw.

 

 

1744. Inzegening (nieuwe kerk).

 

De nieuw gebouwde kerk werd ingezegend.

 

De heer van Wittenstein heeft dat ook vereerd diir zijn aanwezigheid.

 

 

1747. Storm teisterd Kerk.

 

12 dec.Hevige storm verwoest dak van kerk en ook de preekstoel en de banken. Ook alle bewoners zijn erg gedupeerd zodat er geen geld meer is. Er wordt gepreekt in de Roskamer in het huis van Egbert Asjes in de binnen keuken. Des middags in de kerk onder de bloten hemel omdat het dak er van is afgewaaid. Veel boerderijen aan de Leidijk worden door het water verzwolgen.

 

1747, 12 december.

 

Den twaalfden december is de kerk ingevallen. 2 Diensten gepredickt in het huis van Egbert Asjes. Bewoner van “De Roskam”.In den binnenkeuken. En twee diensten gepredickt in de kerk waar het dak was afgewaaid; onder den bloten hemel

 

Hage preken zijn preken onder den open hemel.

 

 

1748. Kerk Hoogeweg.

 

Nieuwe kerk aan de Hogeweg. Volgens geschiedschrijver is de kerk in 1748 aan de daar al staande Wedeme, Pastorie gebouwd. Deze kerk is 15 september ingewijd. Er zal spoedig een orgel worden geplaatst.

 

 

1755. Watermulder.

 

Harm Gerrits is watermulder.

 

 

1757. Herbergier Koelucht.

 

Arend Gerrit Horst wonende in de Koelucht aan de Sande is daar herbergier.

 

 

1762. Domine achter de tralie´s.

 

Ds. C. Hasselhoff werd door de schout in hechtenis genomen.

 

 

1772. Hongerjaar.

 

Dit jaar stond bekend als een hongerjaar.

 

 

1773. Nieuwe kerkklok.

 

In 1773 is een nieuwe kerkklok gegoten voor de Dompe kerk. Deze heeft later gehangen in de kerk aan de Hogeweg en vervolgens in de daar nieuw gebouwde kerk. Deze klok is vervangen in 2000 door een 250 kg zware klok geschonken door een gemeentelid

 

 

1775. Dijkdoorbraak. Koelucht.

 

November. Een watervloed veroorzaakt heel veel schade. Er zijn enige boerenwoningen geheel weggespoeld.

 

Op de begraafplaats van de kerk zijn 8 personen begraven.

 

Claes Witthen, scoldtz toe Campen en up Camperveen, oorkondt, dat voor hem en Lodowich Voerne en Arendt Brandt, geërfden op Camperveen, keurnoten, Maria Jan Sculten weduwe van Camperveen en Styna haar dochter, met Berent Wesselynck en Dirck Louwe, hun mombers, verkocht hebben aan de stad Campen, de gerechtigheid die zij mochten hebben op de grond, waarop de stad Campen haar brug en hoofd over de Enck te Camperveen aan de Hogeweg hebben gelegd.

 

 

 

1776. Watervloed.

 

Op 21 en 22 nov. Grote schade aan kerk en pastorie. Er verdrinken 4 mensen. Vele Runderen en andere dieren en ook veel huizen en boerderijen raken onherstelbaar beschadigd.

 

 

1778. Fl. 3300,00 voor Pastorie.

 

De Drost van Salland verstrekt een renteloze lening van Fl. 3300,-- aan de Erfgenamen of Goedheren des Carspels Kamperveen voor de bouw van een nieuw predikantshuis af te lossen in 6 jaar.

 

 

1780. Toever overleden.

 

Barta Johanna v.Toever overleden 13mai 1781 oud 23 jaar.

 

 

1781. Dubbele akte van de privilegiën.

 

Op die datum werd een dubbele akte opgemaakt van de privilegiën van Camperveen Zoals die waren opgemaakt op 27 april 1365 Ten opzichte van de originele waren er 8 van de 12 punten verdwenen.

 

 

1784. Kerk verplaatst naar de Hogeweg.

 

Vermoedelijk werd in dat jaar de kerk verplaatst naar de Hogenweg. Althans volgens A.Selles.

 

 

1788. Jan Heimans doodgestoken.

 

4 Februari is Jan Heijmans dood gestoken door Hendrik Boer.

 

 

1790. Grevenrit.

 

Op die datum woonde er een Engbert Arends van Ittersum op het erf "Grevenrit".(V.t'Oever).

 

 

1793. Koster en schoolmeester.

 

Aalt Perters wonende op het Suijdeijnde.

 

 

1795. Het ontstaan van de Gemeente.

 

De marken zij opgesplitst in Waterschappen en Gemeente besturen. Resolutie 24 april 1795 ontstond er een nieuwe bestuursvorm  K-veen. In dat jaar ontstond een nieuwe bestuursvorm, zonder medewerking van Kampen. Ze wilden het polder archief terug. Dit gebeurde onder protest. Bestuur: 1 Dijkgraaf, 3 heemraden binnen kerspel, 2 binnen Kampen. Zie 1795 vervolg. Verder werd er een Sluismeester, een Kerkmeester, een Ontvanger, een Secretaris en een Dijkschrijver benoemd.

 

 

1795. Fransen in ons land.

 

Dat jaar trokken de Franse troepen ons land binnen. Ze vertrokken weer in 1813 achterna gezeten door de kozakken.

 

 

1795. Jan Been doodgestoken.

 

Jan Been is 3 februari dood gestoken door de Engelsen.

 

 

1796. Reorganisatie Polder bestuur.

 

Op 18 mei 1796. De erfgenamen benoemen een dijkgraaf en drie heemraden binnen het kerspelen en twee heemraden in Campen

 

 

1800. Giesbert Gerrit Hup.

 

Woonden in de Hagen aan de Spijkerboer.

 

Giesbert Gerrit Hup en Lutgertjen Jans speelden een rol bij de watervloed van 1825

 

 

1804. Armenjager.

 

Jan Engbers was armenjager van Kamperveen, Zalk, Wilsum en Veecaten. In het jaar 1804 verzoekt hij om ontslag omdat hij door zijn leeftijd zijn taak onvoldoende kan verrichten. Hij bouwt een huisje in Zalk en zorgt dat zwervers en bedelaars buiten de grenzen blijven.

 

 

1809. Steekpartij aan de Koelucht.

 

Jan Hendriks werd bij herberg De Koelucht op een vreselijke wijze gestoken met een mes. De dader was een boerenknecht uit Zalk, nl. Dries Hendriks. Die was die dag naar de Hattemerkermis geweest en had daar flink wat drank genuttigd. Hij had ook bij drie boeren in Kamperveen gediend. Toen hij de schout zag komen is hij gevlucht en ontkomen.

 

 

1811. Eigen gemeente.

 

In dit jaar werd het schoutambt omgevormd tot een burgerlijke gemeente.

 

 

1811. Invoering burgelijke stand.

 

In dat jaar werd de burgelijke stand door Napoleon verplicht en moest iedereen voor een geslachtsnaam zorgen. Een stam of achternaam. Men moest een akte bij de eigen gemeente invullen. met de die men zelf verkoos. Men was daarin geheel vrij. Sommigen waren daarin zeer serieus anderen staken er de draak mee en bedachten een spotnaam. Maar had er geen erg in dat dit nooit meer ongedaan kon worden gemaakt.

 

 

 

1813. Kozakken.

 

In 1813 rukken de kozakken Kampen binnen.

 

 

1813. Na de val van Napoleon.

 

Na de val van Napoleon en de bevrijding van Overijssel door de kozakken werd Berend Hendrik Bentinck tot Buckhorst belast met het bestuur van deze Provincie als een soort Gouveneur.

 

 

1814. Kolonel Chalmot trekt op.

 

Luitenant kolonel De Chalmot, in het dagelijks leven burgemeester van Kamperveen, trekt met een bataljon manschappen op naar Hasselt.

 

 

1821. Kerkelijk archief.

 

Kerkelijk archief gaat niet verder terug omdat alles verbrand schijnt te zijn.

 

 

1824. 15 nov.storm.

 

Door een ontstane doorbraak in de Zwartendijk werd ook deze gemeente overstroomd. evenwel zonder dat daardoor enige schade werd veroorzaakt. De Kamperveense zeedijken, bekend onder de namen Nieuwen-dijk en Noord Wendingerdijk, doorstonden deze storm, zonder enige schade te lijden.. Die aan den IJssel had zo in de binnen als buiten dosseringen, veel geleden, en werd daarom, zoveel mogelijk door bekramming der zwakste delen hersteld.

 

 

1825. Beruchte Watervloed.

 

Zie verdere beschrijving.

 

 

1825. Tijdens deze enorme storm.

 

Tijdens deze beruchte storm werden de restanten van de Dompe kerk volledig weggespoeld en later opgeruimd.

 

 

1827. Zware storm.

 

17 maart 1827 overviel een zware, plotseling opstekende storm Campervenne.Vele schepen kwamen in moeilijkheden. Op de IJssel onder Hattem verging een hooytjalk waarbij 8 mensen het leven verloren.

 

 

1828. Voetpad naar school.

 

Bespreking over een voetpad van De Koelucht naar de naar de school aan de Hogeweg..

 

 

1830. Kampen legt straat aan naar Oldebroek.

 

In dat jaar werd de weg Kampen -Oldebroek aangelegd. Lees aangepast en verbeterd.

 

 

1830. Tapster Zuideinde.

 

Aaltje Franks Ruschenburg 77 jaar, geboren in Oldebroek wed. van J.A.Nyland is klein tapster met vergunning op Kamperveen Zuideinde

 

 

1831. Eerste poldermolen.

 

Ongeveer in 1830 werden de twee watermolens gebouwd. Volgens het document van De Vrieze.

 

 

1833. Schoolinspectie.

 

Inspecteur Wijnbeek schreef een rapportage over de school van Kamperveen: Alles beviel mij, Het lokaal was goed, Het onderwijs uitstekend en de vorderingen van de leerlingen blijven gans niet achter.

 

 

1834. Zware watervloed.

 

1 januari 1834. Een orkaan die bijna de sterkte had van die van 1825 verwoeste vele dijken en wegen.

 

 

1838. Nieuwe toren van Dompe.

 

Aanbesteding om de oude toren van de Dompe af te breken en er een nieuwe van te bouwen.

 

 

1839. Opgeruimd.

 

In 1839 werden de laatste restanten van kerk en toren uit de grond gehaald.Alles werd opgeruimd. behalve het kerkhof.

 

 

1840. Raadskamer Huurcontract.

 

De gemeente raad sluit een huurcontact af voor een kamer in de Koelucht. Hier worden de komende tijd de vergaderingen gehouden. Eigenaar is Richard Burgemeister. Of dit ook de eerste maal is is nog niet helemaal duidelijk.

 

 

1843. Johan Derk van Hasselt.

 

In 1843 werd J.D.v.Hasselt op 24 jarige leeftijd Burgemeester en secretaris van Kamperveen.

 

 

1843. Afgekochte thins.

 

Certificaat van royement betreffende de afgekochte thins van het domein bestuur.

 

 

1844-1845. Zeerstrenge winter.

 

Een ongekend lange en strenge winter. die duurde tot de tijd der lente begon.

 

Begin dec. 1844 is het begonnen te vriezen tot midden Januari. Zes weken lang vroor het pittig en alle open water was bedekt met ijs. De IJssel en zelfs de Zuiderzee kruiden dicht. Alles vergezeld van de nodige sneeuw. Daarna was er enige dooi maar het ijs was nog lang niet gesmolten of de winter sloeg in alle hevigheid weer toe. Scheepvaart stremde langdurig wat de nodige problemen gaf in de dagelijkse benodigdheden. Aanvoer van brandstof moest over land gebeuren en om te blijven eten was men voor een groot gedeelte op zich zelf aangewezen. Niet direct alarmerend omdat men dat toch al was gewend in de polder Campervenne. Wel moesten de waterpompen voor drinkwater voor mens en dier, die vrijwel altijd buiten stonden, dik worden ingepakt met stro. Maar op den duur bevroor ook het water in de niet al te diepe putten. Men nam dan de bijl ter hand en sloeg dagelijks een gat dwars door de drie voeten dikke ijslaag van b.v. een kolk. Met juk en twee emmers droeg men het naar de woning. Een karwei om warm bij te blijven.

 

Op 4 maart is het de koudste dag van deze winter.  Zo’n 18 graden onder nul. Omdat de scheepvaart nog steeds onmogelijk werd vervoerde men vele vrachten over het ijs. Over de  IJssel en de Zuiderzee werden vele transporten geregeld en vrijwel alle kustplaatsen waren bereikbaar. Op 12 maart sloeg de winter in alle hevigheid toe. Nachtelijke temperaturen van 15 tot 20 gr. vorst waren geen zeldzaamheid. Op zijn tijd moest het landschap voorzien worden van een verse laag sneeuw om een beetje een winterse aanblik te houden. Als de lucht weer was opgeklaard stak de Oostenwind de kop weer op met als gevolg een blitse sneeuwstorm die enorme sneeuwduinen opwierpen. Kleinere bedrijfjes die op kritische plaatsen gelegen waren verdwenen vrijwel geheel onder de sneeuw.  Op 20 maart, bijna lente, is  men nog met een slede met daarop 6 personen, getrokken door een paard van Urk gekomen en weer vertrokken. 

 

24 maart heeft men Paasfeest gevierd op het ijs. Op diverse kolken en plassen in Campervenne werden met rietschermen tenten geplaatst en daarin hielden de toegestroomde bewoners uit de buurtschappen gezamenlijk de traditioneel in ere te houden Paasgebruiken. Daar werden vele noten gekraakt en de inhoud sfeervol verorberd. Folkloristisch werd er menig eitje gekookt in een pot hangend boven een vuur dat zomaar op het ijs werd aangelegd. Het aangelegde vuur was niet in staat de ijsvloer te smelten hoewel er wel een kuiltje met water ontstond. Daarna volgde de beroemde eiertikwedstrijd. Met veel branie en plezier daagde men elkaar uit wiens kippen het sterkste ei legden Om daarna diegene met het sterkste ei tot winnaar uitte roepen. Sinds mensen heugenis was zoiets nooit eerder voorgekomen. Vervolgens blies de winter de aftocht en brak de lente door.

 

 

1845. Nieuw orgel in de kerk.

 

Door de betere economische toestanden wordt er een nieuw orgel in de kerk gekocht.

 

 

1845. Gemeente leden.

 

Het aardrijkskundig woordenboek van van der AA. geeft aan dat Kamperveen 89 gezinnen telt en 500 bewoners. Allen Hervormd. De gemeente telt 260 lidmaten.

 

 

1845. School.

 

Men heeft in deze gemeente een school die bezocht wordt door ongeveer 60 leerlingen.

 

 

1846. Hittegolf.

 

Deze zeer hete zomer vergezeld van weinig regen deed veel landbouw gewassen verdrogen. Temperaturen van 33 gr. in de schaduw kwamen vrijveel voor. Menigheen  bezweek aan uitputting door het drinken van veel koud water.

 

 

1847. Orgelbouwer Z.v.Dijk.

 

Zwier van Dijk repareerde het orgel van Bovensmilde. Daardoor kreeg hij landelijke bekendheid als orgelbouwer. Hij woonde te Kamperveen.

 

Zier onderhield ook orgels van diverse grote kerken.

 

 

Cees v.Dijk was muziek delitant te Kamperveen. Ook hij onderhield en repareerde Kamper kerkorgels.

 

 

1848. Orgelbouwer Z.v.Dijk.

 

Zwier van Dijk uit Kamperveen, organist (1859) volgde zijn benoeming tot organist van de bovenkerk te Kampen.

 

 

1849. Orgelbouwer Cees van Dijk.

 

C.v.Dijk is muziek delitant te Kamperveen.Heeft in dat jaar het orgel van de Broederkerk gerepareerd.

 

Waarschijnlijk het orgel ook in de kerk van Kamperveen aan de Hogeweg gebouwd omdat het front veel gelijkenis vertoont met andere door hem gebouwde orgels.

 

 

1854. De Zwanepoll.

 

In het V. 't Oeversboek komt deze naam al voor.

 

 

1860. Pinksterstorm.

 

28 mei stak een hevige pinksterstorm op die vele schepen is overvallen. Ook de schade aan veldgewassen was enorm. Omdat het vee allemaal in de weide liep zijn ook vele dieren verdronken.

 

 

1862.Watervloed.

 

Ook vermeld door Vroegindewei. Het water stond zo hoog dat het soms reikte tot aan de daken van sommige woningen. Vermeld moet worden dat de muren toen vrij laag waren. Gemiddeld moest men bij het betreden van het huis zich flink bukken.

 

 

1875. Leerkamer aan kerk.

 

In 1875 werd er een leerkamer aan de kerk gebouwd rondom de al eerder gebouwde toren.

 

 

1877. Watervloed.

 

30 jan.Een geweldige hoge watervloed teistert Campervenne. De schade was zoals gewoonlijk weer zeer groot. Gelukkig waren er geen slachtoffers.

 

 

1882. Huisbelten.

 

In dat jaar mochten uitsluitend woonhuizen gebouwd worden die 3 m. boven A.Peil. lagen.

 

 

1882. Schoollokaal en meesterswoning.

 

In 1882. De bouw van een schoollokaal en een meesterwoning.

 

 

 1887. Is ook een rampjaar.

 

Wordt ook beschreven als een rampjaar.

 

 

1888. Bouw lijkenhuisje

 

3-10-1888. Bouw lijkenhuisje.

 

 

1894. J.Rook politie agent.

 

Jan Rook 22-2-1894. Kamperveen Agent van politie, portier en controleur. Gehuwd met Machteltje Foppen.

 

 

1896. Brandspuit.

 

In dit jaar schafte Kamperveen een brandspuit aan van de gebr v. Bergen uit Heiligerlee.

 

 

1901. Begrafenis.

 

De laatste begrafenis op het kerkhof De Dompe.

 

 

1908. Keulvoet verbrand.

 

Op oudejaarsnacht is de grote boerderij “Keulvoet” totaal met alles verbrand. Inclusief vee. De bewoners hebben het er wel levend afgebracht. Verder is alles tot de grond toe afgebrand volgens een stukje uit de krant van Frans Gunnink.

 

 

1912. Nieuwe Pastorie.

 

In 1912 is er een nieuwe pastorie gebouwd en werd de aangebouwde bij de kerk aangetrokken.

 

 

1962. Afgebroken.

 

De toenmalige kerk van 1748 is afgebroken en vervangen door de nieuwe kerk.

 

 

1978. Dompe naar de Gemeente.

 

Voor Fl 1,-- gaat de begraafplaats De Dompe over naar de Gemeente.